Verantwoordelijkheid voor de verwerking
- De houder van gezondheidsgegevens wordt beschouwd als verwerkingsverantwoordelijke voor de beschikbaarstelling van persoonlijke elektronische gezondheidsgegevens waarom is verzocht op grond van artikel 60, lid 1, aan de instantie voor toegang tot gezondheidsgegevens.
De instantie voor toegang tot gezondheidsgegevens wordt bij de uitvoering van haar taken uit hoofde van deze verordening beschouwd als verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de persoonlijke elektronische gezondheidsgegevens.
Niettegenstaande de tweede alinea van dit lid wordt de instantie voor toegang tot gezondheidsgegevens geacht als verwerker op te treden namens de gebruiker van gezondheidsgegevens die optreedt als verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van de persoonlijke elektronische gezondheidsgegevens op grond van een gegevensvergunning die is afgegeven uit hoofde van artikel 68 in de beveiligde verwerkingsomgeving wanneer zij gegevens via die omgeving verstrekt of voor de verwerking van dergelijke gegevens op grond van een verzoek om gezondheidsgegevens dat is goedgekeurd uit hoofde van artikel 69 zodat de verwerking een antwoord genereert.
-
In de in artikel 72, lid 6, bedoelde situaties wordt de betrouwbare houder van gezondheidsgegevens beschouwd als verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van persoonlijke elektronische gezondheidsgegevens in het kader van de verstrekking van elektronische gezondheidsgegevens aan de gebruiker van gezondheidsgegevens op grond van een gegevensvergunning of een verzoek om gezondheidsgegevens. De betrouwbare houder van gezondheidsgegevens wordt geacht op te treden als verwerker namens de gebruiker van gezondheidsgegevens wanneer hij of zij gegevens verstrekt via een beveiligde verwerkingsomgeving.
-
De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen een model vaststellen voor overeenkomsten tussen de verwerkingsverantwoordelijken en de verwerkers op grond van de leden 1 en 2 van dit artikel. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 98, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.
AFDELING 4 Grensoverschrijdende infrastructuur voor secundair gebruik
